© 2017 Hoogstede Ontwerpt

  • Facebook Social Icon
  • Twitter Social Icon
  • Google+ Social Icon

Een verhaal uit het hart van een verpleegkundige

October 12, 2018

Deze blog is geschreven door verpleegkundige Esther Verhoeven, naar aanleiding van de boekpresentatie op 5 september: ‘Mijn kind in Coma’.  Uit haar hart geschreven geeft zij, werkzaam op de afdeling Vroege Intensieve Neurorevalidatie (VIN) van Libra Revalidatie, een inkijk in haar ervaringswereld in de dagelijkse zorg en behandeling van jonge mensen met bewustzijnsverlies.

Jouw verhaal, mijn drijfveer, onze bedoeling!

Kwart over zeven zondagochtend, ik heb de overdracht van de nachtdienst net gehad. Ik loop over de nog donkere gang, het is stil. Ik kijk naar je. Ingelijst hang je aan de gemetselde muur. Het is jouw verhaal wat ik zie, jouw verhaal waar ik voor een korte periode deelgenoot van ben geweest. Je hangt er al heel wat jaartjes. Ik ben al zoveel keren langs je af gelopen, heb je dan onbewust zien hangen, soms zijn er ochtenden dat je wel bewust bij me binnenkomt. Nu zie ik je weer en sta ik even stil in die blauwe gang. Ik kijk naar de lijst die jouw verhaal met foto’s en tekst probeert te vertellen. Mijn blik wordt gevangen door de foto waar je ingepakt in doeken ligt, omringd door apparatuur die in contact staat met jouw kleine lichaampje. Overal gaan slangetjes dat kleine lichaampje binnen, je wordt beademd. Ik lees een regel van de tekst: “Morgen besluiten de artsen de behandeling te stoppen als je niet enig teken van leven vertoont.” Het grijpt me naar de keel en ik denk aan de tijd dat jij hier op een van de zeven kamers lag. Je hebt dus enig teken van leven vertoond.

Nog steeds sta ik stil voor jouw lijst. Mijn gedachten gaan terug naar die keer dat ik in mijn avonddienst je kamer binnenloop. Jij ligt op je linkerzijde op bed, ik zie je ruggetje en aan je ademhaling merk ik op dat je slaapt. Je moeder zit naast je bed en heeft haar hoofd op jouw matras liggen. Ze ligt te kijken naar je mooie gezichtje. Ik zie de tranen op haar wangen die vallen op de natte plek die zich gevormd heeft in jouw laken. Ik vraag haar of ik naast haar mag komen zitten, of er iets is wat ik voor haar kan doen. Samen kijken we nog even naar je en dan vraagt ze me of het ooit nog goed komt. Mijn antwoord is dat ik dat niet weet, maar dat ik wel weet dat we geduld moeten hebben en dat we er als team heel hard aan werken om je weer bij bewustzijn te krijgen. Ik leg een troostende hand op haar schouder en voel de tranen, die zojuist nog naast jou op je bed vielen, nu het jasje van mijn uniform bereiken.

Terug, stilstaand in de gang voor jouw lijst lees ik weer een regel uit de tekst die is geschreven: ”
 Paloc 8  (volledig bewustzijn)! Vandaag ben je bewust verklaard.” De foto’s van jou met je grote glimlach en dat kleine duimpje omhoog laten dat zien, te midden van een aantal van mijn lieve collega’s. Nog wel in een rolstoel maar je bent na bijna 14 weken klaar om dicht bij je broertje, thuis, familie en vriendjes verder te gaan revalideren. Wetende dat je nog een hele lange weg voor de boeg hebt. Waarschijnlijk met hobbels, onzekerheden en ook verdriet maar…’het enig teken van leven van toen’ is vervangen door een mooie lieve onbetaalbare glimlach van nu. Een glimlach die de grootste angst van je ouders heeft weggenomen. Ik sta nog steeds stil voor jouw lijst, voor jouw verhaal en vraag me af hoe het op dit moment met je zal zijn.

Eventjes haal ik diep adem, ik ben weer in het nu, dan maak ik een draai naar rechts, zachtjes open ik de deur van kamer 14. Ik zie in bed een jonge vrouw van 20 jaar liggen. In de bloei van haar leven was ze, grootse toekomstplannen had ze, in één seconde stond alles op zijn kop. Ze ligt rustig en ontspannen te slapen alsof ze strakjes ‘gewoon wakker’ wordt. Mijn gedachten gaan terug naar gisteravond. Toen stond ik ook hier bij haar terwijl ze een vegetatieve storm doormaakte. In niets kon ik haar comfort bieden, de zweetparels over haar gehele lichaam, grote ogen die dwars door me heen leken te kijken, een verbeten gezicht en vingers die wit verkleuren door de enorme spanning in haar knuisten. Haar moeder staat erbij en kijkt me met betraande en vragende ogen aan. “Houdt dit ooit nog op?” vraagt ze me. “Komt het ooit nog goed denk je?” Ik zeg haar dat de stormen in de loop van de opname af zullen nemen. Dat we als team alles geven om haar dochter naar Paloc 8 te krijgen maar dat ze daar geduld voor moet hebben, heel veel geduld. Haar dochter zal het op haar eigen tempo moeten gaan doen. Dan vraagt moeder aan mij: ”Net zoals de kinderen op de gang? Waren die net zo als mijn dochter? Hoe gaat het nu met hen?” Ze doelt op jouw lijst, op de foto’s die jouw verhaal proberen te vertellen. Ook zij heeft dáár stil gestaan, dáár waar ik enkele minuten geleden nog stil stond.

Op dit moment, oktober 2018, sta ik weer stil in diezelfde gang op de vooravond van de officiële bevestiging dat we eindelijk ook VIN Volwassenen mogen gaan beginnen.
Mijn gedachten dwalen dit keer niet af naar wat is geweest, maar denken na over de toekomst.
Wat ga ik als verpleegkundige samen met mijn collega's zien, horen en voelen?
Het verdriet, de onzekerheden, de vragen over de toekomst die dit keer dé kinderen hebben omdat hun vader of moeder onbereikbaar is. “Gaan ze bij mijn diplomering, mijn trouwen zijn?” zoveel life-events die je nog wil delen met je ouders.
Of het verdriet, de onzekerheden van de partners? Wat gaat dit betekenen voor hun toekomst? Voor hun relatie? Wat gaat er allemaal op hun pad komen?
We kunnen niet in de toekomst kijken...we gaan het leren...we gaan het ervaren.
Het nu, de start van de VIN Volwassen.
Het nu, wat voor ons al zolang een wens, een ideaal voor de toekomst van deze bijzondere patiëntenpopulatie was.
Nu is het er!
Nu gaan de ervaringsverhalen gemaakt worden en zal wellicht in de toekomst het boek 'Mijn Kind in Coma' een opvolger krijgen: 'Mijn partner, mijn ouder in Coma'

—————————-

Dit is mijn verhaal, althans één van mijn ervaringsverhalen als verpleegkundige op de VIN afdeling naar aanleiding van een lijst op de gang; een lijst met foto’s en tekst.

De lijsten met de ervaringsverhalen laten zien wat voor onzekere, zware periode ouders en revalidanten doormaken. Ze laten zien hoe ver revalidanten zijn gekomen tot hun ontslag op de VIN afdeling. Het hele behandeltraject tot dan toe is ‘zichtbaar’. Het laat gevoelens van verdriet, onzekerheid, angst en pijn zien, maar ook gevoelens van opluchting en blijdschap over wat de revalidant bereikt heeft.

Wij, diegenen die niet in dezelfde situatie hebben gezeten als ouders, partners, broers, zussen van een kind in coma, kunnen ons niet voorstellen, zullen nooit echt begrijpen waar men doorheen gaat en wat voor houvast of hoop het verhaal van een ander kan bieden. Wat voor ons als professionals wel zichtbaar wordt op de afdeling is het houvast, de herkenning en de hoop die we zien en horen ontstaan bij ouders die op de gang de lijsten met andermans verhaal lezen.

Het boek
“Mijn kind in coma”, geschreven dóór ouders vóór ouders, is daarom een zeer waardevolle aanvulling op deze lijsten. De ervaringsverhalen geven de familie de houvast en hoop waar ze naar op zoek zijn. Ik ben zo blij dat dit boek er is.

Esther Verhoeven, Verpleegkundige

Vroege Intensieve Neurorevalidatie Libra Revalidatie & Audiologie

Please reload

Uitgelichte berichten

Een verhaal uit het hart van een verpleegkundige

October 12, 2018

1/2
Please reload

Recente berichten
Please reload

Archief
Please reload

Zoeken op tags
Please reload

Volg ons
  • Facebook Basic Square
  • Twitter Basic Square
  • Google+ Basic Square